fietsen

In het zog van Van Gogh

11 minuten leestijd

In 1883 verbleef Vincent van Gogh drie maanden in de Nederlandse provincie Drenthe. Hij trof er uitgestrekte heide, brinkdorpen vol mosdaken, eindeloze kanalen en roetzwarte turfvelden. Meer dan 140 jaar later ontdekken we de landschappen van weleer langs drie fietsroutes van telkens vijftig kilometer, met onderweg doorkijkpanelen, luisterverhalen en muurschilderingen. ‘Het land is zoo mooi’, schreef Van Gogh aan broer Theo. Als hij het zegt!

reportage
  • Fietsen

Vincent van Gogh komt laat op de avond van 11 september 1883 aan in Hoogeveen. Onderweg heeft hij zijn ogen de kost gegeven, maar het is al donker als de laatste trein uit Den Haag het station inrolt. De 30-jarige Van Gogh, chronisch platzak, torst een gebroken hart. Even voordien heeft hij het uitgemaakt met Sien Hoornik, een prostituee die voor hem poseert en die zwanger is van haar tweede kind. Een relatie waarvan zowel zijn als haar familie schande spreken. Een hoer?! Een kunstenaar?! In Drenthe hoopt Van Gogh rust in hoofd en hart te vinden. Maar vooral: inspiratie.

Bijna anderhalve eeuw later stappen wij ook uit de trein in Drenthe, in het noordoosten van Nederland. Weliswaar niet in Hoogeveen, maar in Nieuw-Amsterdam. En ja, ook bij onze aankomst is het al donker. En koud, het is november. Met onze vuisten in onze broekzakken stappen we langs het kanaal richting B&B. De Veenvaart weerspiegelt de maneschijn, alsof een smotsige schilder er met zilveren verfstreken overheen ging. Van Gogh zou er wel raad mee weten.

Drie maanden verblijft de kunstschilder uiteindelijk in Drenthe. Naast minstens twaalf schilderijen - waarvan een deel verloren - en twintig tekeningen levert die periode ook een resem brieven aan broer, steun en toeverlaat Theo op. De correspondentie met zijn broer inspireerde in 2023, 140 jaar na ’s mans verblijf, de Van Gogh Fietsroutes: drie lussen van telkens zo’n vijftig kilometer die voeren langs dezelfde dorpen, dezelfde heide, hetzelfde veen waar hij destijds inspiratie zocht. In 2024 werd het traject verkozen tot de Fietsroute van het jaar. Zijn doek, ons parcours.

Etappe 1: Vincents aankomst

  • Lus vanuit Hoogeveen
  • 50 kilometer.

Bij het station van Hoogeveen treft Van Gogh in 1883 Albert Hartsuiker, een spoorwegbeambte met ‘een gezicht als rode kool’. Aan de Toldijk, op enkele minuten wandelen van het station, verhuurt Hartsuiker kamers. Voor een gulden per nacht geeft hij Van Gogh een hoek op de ruime zolder. De Toldijk heet nu de Pesserstraat, maar het gebouw staat er nog. Sinds 2022 is het flink verbouwde logement opnieuw open voor gasten, de bebaarde tronie van de meest beroemde gast prijkt op de gevel. Al betaal je nu net iets meer dan Van Gogh destijds.

We fietsen voorbij een windmolen en langs het postkantoor waar Van Gogh zijn brieven naar Theo verstuurde. Nu is het een eetcafé. In de Hoofdstraat - Nederlanders zijn rechtdoorzee - zigzaggen we tussen het winkelende volkje. Op een gevel torent een statieportret van Van Gogh, appartementsblokhoog - een reusachtig gelaat dat de straat overschouwt. Daarna draaien we een grindpad op langs een kanaal. Stad uit, platteland op. Elk van de drie Van Gogh Fietsroutes heeft een eigen thema. Op de tweede dag zullen we vooral door brinkdorpen sjezen, de dag erna zoeken we heide en veen op.

De eerste dag staat in het teken van water. In Van Goghs tijd geldt het nochtans oostelijke Drenthe als het wilde westen van Nederland. Rijke piefen uit de Randstad zien in Drenthe een wingewest: ze bouwen er dorpen en steden - zoals Nieuw-Amsterdam - en graven kanalen. Turf is het roetzwarte goud. Het nieuwe land lokt gelukszoekers, pioniers en arbeiders. De kaarsrechte vaarten, Holland op z’n ordelijkst, getuigen van dat verleden: via water werd alle turf afgevoerd naar het drukker bevolkte westen.

De hele dag springen we van het ene sloot naar het andere kanaal - via smalle streepjes en dikke lijnen blauw. We rijden langs eeuwenoude dorpskroegen alwaar een schipper van een trekschuit - een snikke in het lokale volkstaaltje - tijdens het wachten voor een sluis terecht kon voor een frisse pint of een snelle kruidenbitter. Bij een kruispunt van vaarten bollen we over een beeldschoon bladerdek van herfstkleuren, wat Van Gogh een ‘gouden regen van warrelende, wemelende herfstbladeren’ noemt. Reigers in alle categorieën vliegen op zodra ze onze rijwielen in zicht krijgen. Nu is het rustig fietsen langs de vaarten. Niet zo in de tijd van Van Gogh, die te voet op pad trekt en er “altijd een bedrijvigheid van turfschuiten” aantreft.

Anno 2025 zorgen doorkijkpanelen en bijhorende luisterverhalen op verschillende plekken voor een extra laag. Letterlijk: ze laten ons toe om het landschap door het oog van de meester te bekijken. Zo legt zo’n paneel een koppel plaggenhutten boven op een kale stoppelakker. In 1883 ziet Van Gogh hoe een geit op het mosdak van een hut graast en hoe een arbeidersvrouw het dier met een bezemsteel wegjaagt. Hij voelt zich verwant met het knoestige werkvolk, dat naarstig turf steekt, en hij tekent en schildert hun dagelijks leven meermaals, hun noeste arbeid en hun armzalige leefomstandigheden. Op zijn eigen manier is ook Van Gogh een gelukszoeker in Drenthe - speurend naar brandstof, turf om op het vuur zijner inspiratie te gooien. Hij wil dieper het land in en scheept op 2 oktober in op de trekschuit richting Nieuw-Amsterdam. Onderweg schetst hij zijn medepassagiers.

fietsen van gogh

Etappe 2: Vincents dagtocht

  • Lus vanuit Nieuw-Amsterdam
  • 53 kilometer

Na zes uur op het water komt Van Gogh aangewaaid in Nieuw-Amsterdam - haren in de war, wilde blik in de ogen. Hij klopt op de deur van het veerhuis. Eigenaar Hendrik Scholte wil hem eerst geen onderdak geven, maar gaat overstag als Van Gogh vertelt dat zijn vader dominee is. Een zoon van een geestelijke kan je niet op straat laten slapen. De schilder krijgt een kamer op zolder. Belangrijk: het licht valt mooi binnen. Vanaf het balkon ziet Van Gogh de ophaalbrug, die hij vereeuwigt in een schilderij.

Tegenwoordig doet het huis dienst als een museum over Van Goghs tijd in Drenthe. Z’n zolderkamertje lijkt alsof hij het net achtergelaten heeft: de turfstoof staat er nog, het bed is gedekt met lakens met een ruitjespatroon en op een rieten stoel ligt een pijp. Onder onze schoenen kraakt de houten plankenvloer. Je verwacht dat Van Gogh elk moment kan thuiskomen, een vers schilderij onder de oksel.

Bij het Van Gogh Huis vertrekken twee van de drie fietslussen. Over de ophaalbrug - niet meer dezelfde van weleer - trappen we eerst richting station. Op drie kanten van een reusachtige silo prijken daar gigantische muurschilderingen. Aan de stationskant pronkt de kunstenaar zelve, aan de overzijde de aquarel die hij maakte van de ophaalbrug. De twee murals zijn verbonden met een fragment uit een brief aan Theo: ‘o het is hier zoo eigenaardig - en zóó stil, zóó vredig.’

Dat sentiment ondervinden we aan den lijve op onze tweede fietsdag. Drenthe is nog altijd een landelijke provincie, al maakte het veen uit Van Goghs tijd plaats voor boerenland. Waar hij arbeiders op karren ziet, rijden landbouwers nu in tractors. We fietsen door het ene na het andere Bokrijk: Oud Aalden, Sleen, Gees - brinkdorpen waar het mos op de daken groeit en waar een eerlijkheidsbar fietsers van warme drankjes voorziet. Een brink is het dorpsplein waar koeien en schapen verzamelden voor en na hun graassessies op de heide.

Ook nu doen we stevig aan wieltjes zuigen bij Van Gogh. In 1883 legt hij deze route af in de kar van zijn huisbaas, die hem op weg naar de markt belooft af te zetten in Zweeloo. Van Gogh ziet ‘enorme mosdaken van huizen, stallen, schaapskooien, schuren’, maar ook ‘eikenboomen van een superbe brons.’ En wij… zien net hetzelfde. We maken vaart, doorheen de velden en voorbij de torenspits van Sleen. Nu is dat de hoogste van Drenthe, maar destijds is ie net afgebrand - een stompje, een kerktoren met een handicap.

In kunstenaarsdorp Zweeloo hoopt Van Gogh soortgenoten aan te treffen. Want hoe lyrisch hij ook schrijft over Drenthe – ‘het land is superbe, superbe, alles roept U toe: schilder!’ - hij voelt zich ook eenzaam. De locals zijn terughoudend tegenover die rare snuiter van een kunstenaar.

Om diezelfde reden probeert hij broer Theo te overtuigen zijn stressvol bestaan als kunsthandelaar in Parijs achter te laten: ‘Toe kerel, kom mee schilderen op de hei, ’t aardappelveld, kom eens mee achter den ploeg en den schaapherder loopen - kom mee in ’t vuur kijken - laat U eens doorwaaien door den storm die over de hei waait. Breek er uit.’ Er zijn al inspirerende citaten van minder allooi op tegels geprint. Helaas voor Van Gogh is WhatsApp nog niet uitgevonden: in Zweeloo komt hij van een kale kermis thuis. Er zijn geen kunstenaars. Hij maakt dan maar een schets van het kerkje, dat bij onze doortocht, anderhalve eeuw later, nog niets aan lieflijkheid heeft ingeboet.

fietsen van gogh

Etappe 3: Vincents inspiratie

  • Lus vanuit Nieuw-Amsterdam
  • 50 kilometer

We racen door het eerste lapje Bargerveen. De kou vreet niet, maar knabbelt op z’n minst - het soort weer waarvan je spontaan warme adem in je knuisten blaast. Fotograaf Michael zet zijn e-bike op turbo: hij vreest minstens één teen of vinger aan bevriezing kwijt te spelen. Nu begrijpen we de werkwijze van Van Gogh, die hier in 1883 in hetzelfde seizoen neerstrijkt. Meestal maakt hij buiten op de heide snelle schetsen, die hij nadien bij de turfstoof verder uitwerkt. Pas nadat wij lijf en leden hebben opgewarmd in een herberg, kunnen we ten volle genieten van het veenlandschap. In de herfst kleurt dat zo ros als Vincents baard, het zwerk ziet grijs en grauw.

Alhoewel grijs? Van Gogh houdt het in zijn brieven op ‘de lucht effen, niet wit doch een lilas dat niet te ontcijferen is, wit waar men rood, blaauw, geel in ziet wemelen, en dat zich vereenigt met den dunnen mist beneden, alles tot elkaar brengt in een gamma van fijne grijzen.’ Tegenover Theo beschrijft hij Drenthe niet enkel in woorden, maar ook in geuren en kleuren. Het zijn handgeschreven schilderijtjes, die overlopen van enthousiasme.

En snel zullen we begrijpen waarom. We draaien een fietspad op – ‘Dus niet brommen’, gebiedt een bord. Alsof humeurige fietsers hier moeten omdraaien. Wij zien niet in waarvan we slecht gezind kunnen worden: het veen is prachtig. De nevelen hangen zwaar boven het land, de horizon verzwolgen door vijftig tinten mist. Een betonnen fietspad snijdt diagonalen door het decor, langs samenscholingen van blèrende schapen. Het zacht zoemen van banden over beton verzorgt de enige soundtrack, een verstilde wereld in monochroom.

Ooit bedekte dit soort veen het noordoostelijke deel van Nederland als een reusachtig picknickdeken. Op z’n grootst besloeg het historische Bourtangermoeras 3000 vierkante kilometers - groter dan de provincie Antwerpen! Maar tegen de tijd dat Van Gogh met zijn schetsboek door het landschap zwerft, knabbelt ontginning al lang en genadeloos aan het veen. Arbeiders graven het veen af, boeren maken het nadien vruchtbaar met ‘stratendrek’, een mengeling van bij elkaar geveegde bladeren, modder, etensresten, groente- en tuinafval, en menselijke uitwerpselen.

We proberen ons te visualiseren wat er verdwenen is - en slikken. Want veen is meer dan enkel een mooi plaatje, het is een schatkamer voor biodiversiteit. Een thuis voor vogels, dag- en nachtvlinders - waaronder kieskeurige specialisten als de aardbeivlinder. Toch gloort er hoop. Een infobord meldt dat het veen langzaam opveert: het groeit aan één millimeter per jaar. Omdat dat wel een heel grote portie engelengeduld vergt - zelfs fans van Anderlecht hopen op sneller herstel - zetten natuurbeheerders ook het zware materiaal in. Zodat toekomstige Van Goghs nog een tête-à-tête met de muze kunnen beleven. Aan de andere kant rijden we het veen uit bij een verkeersbord dat de richting naar Twist en Meppen (D) aanwijst - een wegwijzer als een kortverhaal.

Vincent van Gogh is de archivaris van zijn eigen leven. In Drenthe schrijft hij 24 brieven, een tempo van eentje per drieënhalve dag. Daardoor weten we precies, bijna in real time, wat hij doet, denkt en voelt. Hij arriveert als een zoekende kunstenaar, vol twijfel. Maar gaandeweg vindt hij iets nieuws in z’n werk. Hij schetst een boer die aardappellof verbrandt op het veld, met het schijnsel van vuur en rook die omhoog kringelt. En experimenteert zo in Drenthe voor het eerst met het spel van licht en donker.

In een ultieme poging Theo te overhalen, schrijft hij: ‘Wil men groeien, men moet in de aarde vallen. Dus zeg ik tot U, plant U in den grond van Drenthe - gij zult er kiemen. Verdroog niet op ’t trottoir.’ Het heeft een tegengesteld effect: Theo is het gezanik beu en stuurt tijdelijk minder geld. Volgens de legende - niemand die het kan bevestigen - betaalt Vincent zijn verblijf in Nieuw-Amsterdam dan maar met schilderijen. Hendrik Scholte, geen kunstliefhebber, gebruikt die als brandhout. Blut en verscheurd door eenzaamheid verlaat Van Gogh Drenthe op 5 december 1883, ‘een stormachtigen namiddag met regen, met sneeuw’. Met hangende pootjes keert hij terug naar zijn ouders in Brabant, waar hij niet veel later zijn eerste echte meesterwerk schildert: De aardappeleters. Met datzelfde licht-donker-effect. De rest is - met dank aan Drenthe - geschiedenis.

Wandelen met Vincent

Geen zin in de fiets? Ontdek Drenthe te voet met vier bewegwijzerde wandelroutes langs plekken die Vincent van Gogh inspireerden. Onderweg brengen luisterverhalen het landschap tot leven.

  • Nieuw begin - 12 km, start in Hoogeveen. Langs onverharde wegen leer je over Van Gogh en de brieven die hij schreef.
  • Verblijf in oerlandschap - 11km, start in Nieuw-Amsterdam/Veenoord. Introduceert het Drentse landschap door de ogen van Van Gogh.
  • Symfonie in kleur - 8 km, start in Zweeloo. Wandel door Oud-Aalden en kunstenaarsdorpje Zweeloo en adem de sfeer van oude brinkdorpen.
  • Als een droom - 17 km, start in Zweeloo. Deze route volgt goeddeels het traject dat Van Gogh te voet aflegde na zijn bezoek aan Zweeloo.

deel Artikel

Meer inspiratie

rr
actua
Lees meer
  • Wandelen
  • Fietsen
  • Kamperen
Nog op zoek naar last-minute cadeau-inspiratie?
Word lid voor 39€

Op zoek naar kwalitatieve invulling van je vrije tijd?

Word lid van Pasar en ontdek een wereld vol boeiende activiteiten, inspirerende reizen en gezellige samenkomsten. Met Pasar geniet je van een gevarieerd aanbod aan uitstappen en evenementen, afgestemd op jouw interesses en wensen. Sluit je aan bij onze warme community en beleef onvergetelijke momenten samen met andere enthousiaste leden.

Ga voor de Pasar-pas!

lees meer